Bramentuin in Schorisse heringericht

Bramentuin in Schorisse heringericht

Het Leader-project ‘Biodiversiteitstuinen’ is een Europees plattelandsfonds dat plattelandsprojecten ondersteunt in diverse Europese regio’s, waaronder de regio Vlaamse Ardennen en Dender. Het project voorziet in de heraanleg en herwaardering van verschillende plantenverzamelingen in eigendom en beheer van Natuurpunt. Deze zijn eerder aangelegd om de soortendiversiteit van bomen en struiken te behouden; soorten die kenmerkend of uniek zijn voor de streek.

Door de tijd heen zijn deze verzamelingen achteruitgegaan, waardoor een opwaardering aan de orde was. Het betreft een Rubicetum (bramenverzameling) in Schorisse, een Salicetum (wilgenverzameling) in Zingem, een genenbank van inheemse en streekeigen bomen en struiken in Ename en een hoogstamboomgaard in Brakel. De verzamelingen worden uitgebreid met een wilde rozenverzameling (Rosetum) in Ename. Tegelijk worden hieraan verschillende biodiversiteitstuinen toegevoegd die door derden worden beheerd of aangelegd, waaronder een hoogstamboomgaard in Nukerke, een leifruitverzameling in Ename en een wilgenverzameling in Zwalm. Voorts wordt uitgekeken naar een Populetum (populierenverzameling). Alle biodiversiteitstuinen worden toegankelijker voor leken en krijgen een educatieve inrichting. Het geheel zal worden vervat in een kleine brochure en worden gekoppeld aan een fietsroute die de verschillende verzamelingen aandoet. De opening is voorzien in het voorjaar van 2027.

Even terug in de tijd, namelijk naar Meander nr. 4 van 2010, met daarin een artikel van Karel De Waele: “Zondag 22 augustus was voor broeder Joris De Ruyver, voor Anne Fobert, Ronny De Clercq, voor Natuurpunt Vlaamse Ardennen plus en voor de batologie (de studie van de bramen) in Vlaanderen een feestdag. Op zijn 97ste mocht broeder Joris het immers meemaken dat een oude droom van hem uiteindelijk gerealiseerd werd: de opening van een ‘levend herbarium’, een echte tuin met een 40-tal bramensoorten uit de Vlaamse Ardennen en omgeving, door hem met de hulp van Anne en Ronny ingezameld, zorgvuldig in bloempotten opgekweekt en via een omweg aan de rand van het Bos t’Ename uiteindelijk uitgeplant in de Bramentuin in Maarkedal.”

Deze grootste bramentuin van Vlaanderen werd nu heraangelegd en klaargemaakt om begin volgend jaar opnieuw open te gaan.

Bezoekers aan de bramentuin leren er onder meer dat bramen veel meer zijn dan één soort. Er zijn in Europa meer dan 750 soorten bramen beschreven. De Flora van België, het Groothertogdom Luxemburg, Noord-Frankrijk en aangrenzende gebieden (2023) schat dat er in dat gebied meer dan 300 soorten bramen voorkomen. Met de tabel in het boek zouden 80 à 90% van de gevonden bramen kunnen worden gedetermineerd. De verschillen zitten in het aantal en de vorm van de blaadjes, de grootte en smaak van de vruchten en de groei- en bloeiwijze. Het voorkomen van sommige soorten is zelfs beperkt tot de Vlaamse Ardennen.

Door de term ‘verbraming’ van onze natuur hebben bramen vaak een negatieve reputatie, maar die is niet altijd terecht. Bramen zijn natuurlijk vooral gekend wegens de lekkere bessen die niet alleen door mensen gegeten worden, maar ook door veel diersoorten. De bloemen zijn een belangrijke nectarbron en de bladeren zijn gegeerd door b.v. reeën, zeker in de winter. Daarnaast hadden bramen vroeger ook praktische toepassingen. Zo werd de koebraam soms als natuurlijke omheining gebruikt. Bovendien heeft deze soort zeer mooie bloemen én lekkere bessen.

De heraanleg is begin dit jaar gestart. Bezoekers zullen de bramen van dichtbij kunnen bekijken én proeven. Ook het plukken van de vruchten is toegestaan, maar niet om in grote hoeveelheden mee te nemen.

De tuin krijgt daarnaast ook educatieve elementen zoals infoborden en insectenhotels, om de rol van bramen in de biodiversiteit te tonen. Soorten die sterk op elkaar lijken, verdwijnen uit de collectie. De meest kenmerkende en opvallend verschillende soorten blijven.

De tuin is gratis te bezoeken, maar begeleide wandelingen zijn ook mogelijk.

Provincie en Natuurpunt doven de lichten tijdens Nacht van de Duisternis

Provincie en Natuurpunt doven de lichten tijdens Nacht van de Duisternis

Tijdens de Nacht van de Duisternis, op zaterdag 11 oktober, trokken buurtbewoners en geïnteresseerden er in Zegelsem (Brakel) op uit voor een bijzondere avondwandeling in het pikkedonker. De Provincie Oost-Vlaanderen en Natuurpunt Vlaamse Ardennen plus wilden ermee aantonen hoe waardevol duisternis is voor mens en natuur.

Wandelen in de duisternis

De duisterniswandeling was voor velen een verrassende ervaring. Wandelen zonder kunstlicht scherpt de zintuigen aan en biedt een unieke kijk op de omgeving. De tocht vertrok aan het Faunahuis, waar bezoekers meteen ook een blik konden werpen op de nieuwe demonstratieverlichting. Die toont niet alleen hoe het niet moet, maar vooral hoe het wél kan: gericht, gedimd en met aangepaste kleurtemperaturen die de natuurlijke omgeving zo min mogelijk verstoren.

Nachtverlichting is mooi, maar niet zonder gevolgen

Hoewel verlichting vaak als vanzelfsprekend wordt gezien, toont steeds meer onderzoek aan dat nachtelijk kunstlicht een schaduwzijde heeft. Het verstoort onze biologische klok en belemmert de slaap. Ook dieren ondervinden hinder. Glimwormen raken hun weg kwijt, vleermuizen vermijden verlichte vliegroutes en nachtvlinders en planten raken in de war door continue belichting.

Bewust kiezen en slim verlichten

De beste verlichting voor mens en natuur is simpelweg géén verlichting. Is het toch nodig? Bekijk verlichting dan met een kritische blik: verlicht enkel waar en wanneer het nodig is, vermijd overbelichting en gebruik aangepaste kleuren zoals amber of rood. Dat kan je zien bij de nieuwe demonstratieverlichting aan het Faunahuis. Die is er gekomen dankzij een mooie samenwerking en financiële steun van de Provincie Oost-Vlaanderen.

Belangrijke rol voor lokale besturen

De komende jaren schakelen steden en gemeenten over op ledverlichting op straat. Het is een uitgelezen kans om stil te staan bij het soort verlichting en om kosten te besparen.

De vijf Vlaamse provincies willen gemeenten daarbij inspireren met een gids over verlichting. Samen met de duisternisbehoeftekaart, die aangeeft welke gebieden ecologisch het meest nood hebben aan duisternis, wil die gids gemeenten helpen om keuzes te maken qua verlichting per wijk en straat. Er moet natuurlijk altijd gezocht worden naar een goed evenwicht tussen licht en donker: mensen moeten zich veilig voelen op straat en in het verkeer en er moet aandacht zijn voor de natuur. Je moet dus echt gemeente per gemeente en straat per straat aan de slag

Kaart: https://natuurenbos.vlaanderen.be/dieren-en-planten/soortenbescherming/duisternisbehoeftekaart