De laatste maanden verschenen verschillende artikelen die nogmaals de aantasting van de open ruimte aankaarten.

Uit cijfers van het Departement Omgeving1 van het Vlaamse Gewest blijkt dat in 2023 de verharde oppervlakte in Vlaanderen gestegen is van 15,3 naar 15,7%. Dat betekent een verharding met minstens 10 hectare per dag. De toename ligt weer in lijn met de trend voor 2020, terwijl er tussen 2020 en 2022 een stabilisatie was. Het grootste aandeel van de bijgekomen verharding betreft geen nieuwe gebouwen, wel verharding als wegen, opritten, terrassen of parkeerterreinen.

Verharding is in vele opzichten een probleem. Het regenwater kan niet meer infiltreren, met als gevolg een groter risico op overstromingen en droogteproblemen, hitte in stads- en dorpskernen, minder CO2-opslag door planten en bodem en een verlies aan biodiversiteit. Verhoudingsgewijs is Vlaanderen na Nederland de grootste verharder. Ontharding en het vermijden van bijkomende verharding vormen daarom een belangrijk onderdeel binnen de strategische visie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (zie https://omgeving.vlaanderen.be/nl/BRV).

Uit een Europese studie2 blijkt dat er in Europa elk jaar 1 500 km² verloren gaat aan bouwprojecten. Daarvan is 900 km² natuur; bij de overige 600 km² gaat het om landbouwgrond. Tussen januari 2018 en december 2023 ging ongeveer 9 000 km² verloren, dat is zo wat 1/3 van de oppervlakte van België. Europa verandert van groen naar grijs. Beetje bij beetje raken we groene ruimtes kwijt die ooit onderdak boden aan natuur, voedsel leverden en koolstof uit de atmosfeer verwijderden.

Woningen en wegen zijn de grootste oorzaken, maar ook voor commerciële activiteiten, luxewoningen en toerisme moeten natuur en landbouw vaak wijken. Meerdere kleine ingrepen dienen om aan de wensen van toeristen tegemoet te komen, elke ingreep tast de ongerepte natuur aan die diezelfde toeristen juist komen bekijken.

Uit een grootschalige analyse van het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, waarover Apache bericht, blijkt dat bijna een kwart van de landbouwgrond in Vlaanderen vandaag niet meer gebruikt wordt voor landbouw. De nieuwswebsite stelt dat landbouworganisaties en een deel van politiek Vlaanderen in het verleden Natuurpunt aanvielen, omdat de vereniging ‘gesubsidieerd’ landbouwgrond aankoopt om er natuur van te maken. Maar uit de berekening op basis van de ruimteboekhouding blijkt dat amper twee procent van het landbouwgebied voor natuur gebruikt wordt en 4,5 procent bebost is. Een groter probleem zijn de kapitaalkrachtige Vlamingen die graag akker- en weilanden kopen om paarden en andere hobbydieren te houden of hun tuinen te vergroten. Blijkbaar roept dit minder weerstand op. Ook ruim wonen in oude hoeves op het platteland is in trek, net als het verbouwen van loodsen en stallen voor allerlei andere activiteiten dan landbouw. Dat zorgt ervoor dat de prijzen voor landbouwgrond vandaag vaak de landbouwkundige waarde overstijgen, waardoor landbouwers moeilijk kunnen concurreren met kapitaalkrachtige kopers die grond gebruiken voor niet-landbouw gerelateerde activiteiten. In het Apache-artikel krijgt Stad Deinze trouwens een pluim, omdat ze een leegstaand varkensbedrijf lieten afbreken om er terug landbouwgrond van te maken.

Op de twee luchtfoto’s zie je de situatie rond de Callemoeie-vijver (Nazareth) in 1971, toen nog in aanleg, en nu.

Luchtfoto 1971
Luchtfoto heden

1 https://omgeving.vlaanderen.be/nl/verharde-oppervlakte-neemt-opnieuw-toe-in-vlaanderen

2 https://greentogrey.eu/